ECLI:NL:RBMNE:2022:314
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen weigering omgevingsvergunning levensloopbestendig maken tuinmanshuis gegrond op overgangsrecht
Eiser is eigenaar van een perceel met een tuinmanshuis dat in de jaren twintig van de vorige eeuw als schuur werd gebouwd, maar feitelijk als woning wordt gebruikt. Verweerder weigerde een omgevingsvergunning voor het levensloopbestendig maken van het tuinmanshuis omdat het gebruik als woning in strijd zou zijn met het bestemmingsplan en de beheersverordening, en het overgangsrecht niet van toepassing zou zijn.
De rechtbank oordeelt dat het tuinmanshuis als bijgebouw geldt en dat er slechts één hoofdgebouw per bouwperceel is toegestaan. De aanvraag uit 1925 betrof een schuur zonder woonbestemming, en er is geen reden om van het kadastrale perceel af te wijken. Wel is vastgesteld dat het tuinmanshuis op de peildatum van het bestemmingsplan feitelijk als woning werd gebruikt, wat door huurovereenkomsten, getuigenverklaringen en bankafschriften wordt ondersteund.
De rechtbank acht het beroep op het overgangsrecht geslaagd omdat het gebruik als woning op de peildatum bestond en niet langer dan een jaar is onderbroken. Hierdoor is bewoning op grond van het overgangsrecht toegestaan. Het bestreden besluit wordt vernietigd wegens strijd met het motiveringsbeginsel, maar de rechtsgevolgen blijven in stand omdat het bouwplan in strijd is met het bestemmingsplan wegens overschrijding van toegestane bijgebouwen.
Verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en het griffierecht aan eiser. Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit vernietigd.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd wegens toepassing van het overgangsrecht, maar de rechtsgevolgen blijven in stand vanwege strijd met het bestemmingsplan.