Eiseres heeft namens een bedrijf beroep ingesteld tegen een besluit van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. De rechtbank heeft het beroepschrift beoordeeld en vastgesteld dat het niet voldoet aan de wettelijke eisen.
Er is geen machtiging overgelegd waaruit blijkt dat eiseres bevoegd is om namens het bedrijf op te treden. De rechtbank heeft eiseres meerdere malen verzocht deze te overleggen, maar zij heeft niet gereageerd. Daarnaast ontbraken ook een kopie van de beslissing op bezwaar, een uittreksel van de Kamer van Koophandel en de statuten van het bedrijf. Het beroepschrift was bovendien niet ondertekend.
Gezien deze tekortkomingen verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk en zal het niet inhoudelijk worden behandeld. Er wordt geen proceskostenvergoeding toegekend. De uitspraak is gedaan door rechter S.C.A. van Kuijeren op 28 juli 2022.