ECLI:NL:RBMNE:2022:3437
Rechtbank Midden-Nederland
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Intrekking bijstandsuitkering wegens verblijf in buitenland zonder dringende reden
Eiseres verbleef van 8 juli 2021 tot en met 7 september 2021 in het buitenland en haar bijstandsuitkering werd ingetrokken over de periode van 5 augustus 2021 tot en met 7 september 2021, met terugvordering van €892,53. Zij voerde aan dat zij vanwege een noodsituatie met haar verstandelijk gehandicapte, verslaafde dochter naar Tunesië was gereisd om het leven van haar dochter te redden.
De hoofdregel is dat bijstand vervalt bij verblijf langer dan vier weken in het buitenland, tenzij er dringende redenen zijn. Dringende redenen vereisen een acute noodsituatie die levensbedreigend is of kan leiden tot blijvende invaliditeit van de persoon die bijstand ontvangt. De rechtbank oordeelde dat de noodsituatie betrekking had op de dochter, niet op eiseres zelf, en dat het verblijf vanwege coronabeperkingen niet als dringende reden geldt.
De rechtbank vond het besluit van verweerder om geen bijstand te verlenen op grond van dringende redenen niet onredelijk en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de intrekking van de bijstandsuitkering wegens verblijf langer dan vier weken in het buitenland zonder dringende reden is ongegrond verklaard.