ECLI:NL:RBMNE:2022:3509
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen WOZ-waardering woning met erfpachtrecht
Eiser betwist de vastgestelde WOZ-waarde van zijn woning, gelegen op erfpachtgrond, en stelt dat rekening had moeten worden gehouden met het erfpachtrecht dat de waarde jaarlijks vermindert. Verweerder handhaaft de waarde van €444.000,- conform de Wet WOZ, waarbij de overdrachtsfictie uit artikel 17 lid 2 Wet Pro WOZ wordt toegepast, die uitgaat van volle en onbezwaarde eigendom.
De rechtbank overweegt dat toetsing van wetten aan de Grondwet niet is toegestaan (art. 120 Grondwet Pro), maar dat toetsing aan internationale verdragen zoals het EVRM en IVBPR wel mogelijk is. De rechtbank stelt dat de wetgever een ruime beoordelingsvrijheid heeft bij fiscale waarderingsregels en dat het gelijkheidsbeginsel niet wordt geschonden door woningen op erfpachtgrond en eigen grond gelijk te behandelen.
De rechtbank concludeert dat de WOZ-waarde niet te hoog is vastgesteld en dat het beroep ongegrond is. Er is geen aanleiding voor proceskostenvergoeding. De uitspraak is gedaan door rechter K. de Meulder op 30 augustus 2022.
Uitkomst: Het beroep tegen de WOZ-waarde van de woning met erfpachtrecht is ongegrond verklaard.