ECLI:NL:RBMNE:2022:4394
Rechtbank Midden-Nederland
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Naheffingsaanslag parkeerbelasting terecht opgelegd ondanks betwisting parkeren
Eiseres parkeerde haar auto op 25 maart 2021 om 12:44 uur op een betaalde parkeerplaats in Utrecht zonder op dat moment parkeerbelasting te voldoen. Verweerder legde daarop een naheffingsaanslag parkeerbelasting van €69,69 op. Eiseres voerde aan dat er geen sprake was van parkeren omdat zij vanuit de auto belde met haar cliënt vanwege corona-maatregelen.
De rechtbank oordeelde dat parkeren volgens de Gemeentewet het gedurende een aaneengesloten periode stil laten staan van een voertuig betekent, met uitzondering van direct in- of uitstappen of laden/lossen. Omdat eiseres haar auto 24 minuten stil liet staan zonder betaling en niet deelnam aan het verkeer, was er sprake van parkeren. Het feit dat zij achter het stuur zat en belde deed hieraan niet af.
Verder overwoog de rechtbank dat parkeerbelasting een objectieve belasting is waarbij opzet of schuld niet relevant zijn. Een beroep op overmacht slaagt alleen bij nood- of spoedeisende situaties, wat hier niet het geval was. Ook de hoogte van de naheffingsaanslag was conform de wettelijke voorschriften. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: De naheffingsaanslag parkeerbelasting is terecht opgelegd en het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard.