ECLI:NL:RBMNE:2022:6198
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit Kadaster over kadastrale grootte percelen na bezwaar en beroep
Eiseres betwistte de vaststelling van de kadastrale groottes van een strook en een resterend perceel na een perceelsplitsing in 2019. Na een klacht en een primair besluit van de Bewaarder, waarin de kadastrale grootte werd aangepast, maakte eiseres bezwaar tegen de nieuwe vaststelling. De Bewaarder herzag het primaire besluit en stelde een andere kadastrale grootte vast, maar liet de grootte van het resterende perceel ongewijzigd terugvallen op de oorspronkelijke waarde.
De rechtbank oordeelde dat de Bewaarder onvoldoende op de bezwaren inzake het resterende perceel was ingegaan en het primaire besluit onterecht had herroepen. Na een nieuwe meting stelde de Bewaarder de kadastrale grootte van het resterende perceel vast op 1721m2. De rechtbank concludeerde dat het beroep gegrond is vanwege een motiverings- en zorgvuldigheidsgebrek in het bestreden besluit en vernietigde dit besluit.
De rechtbank besloot zelf in de zaak te voorzien door het primaire besluit te herroepen en de kadastrale groottes van de strook en het resterende perceel definitief vast te stellen zoals door het Kadaster gemeten. Tevens werd het griffierecht aan eiseres vergoed. De overige bezwaren van eiseres, onder meer over de meetmethode en onafhankelijkheid, werden verworpen omdat deze niet op de bijwerking van de basisregistratie zien.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en de kadastrale groottes definitief vastgesteld op 22m2 en 1721m2.