ECLI:NL:RBMNE:2022:6604
Rechtbank Midden-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening bij afwijzing bijstandsuitkering wegens hennepkwekerij
Verzoeker heeft een aanvraag voor bijstand ingediend die door het college van burgemeester en wethouders van Utrecht is afgewezen vanwege een eerdere afwijzing en het ontbreken van nieuwe gronden. Verzoeker maakte bezwaar en vroeg om een voorlopige voorziening vanwege zijn spoedeisend belang, onder meer omdat hij geen bijstand ontvangt en zijn energievoorziening is beëindigd.
De voorzieningenrechter beoordeelde dat er sprake is van een spoedeisend belang, maar dat het bezwaar tegen het besluit geen redelijke kans van slagen heeft. Dit omdat de huidige aanvraag niet verschilt van de eerdere die werd afgewezen vanwege een aangetroffen hennepkwekerij bij verzoeker.
De rechter concludeerde dat het bestreden besluit naar voorlopig oordeel rechtmatig is en dat de belangenafweging niet in het voordeel van verzoeker uitvalt. Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat het bezwaar geen redelijke kans van slagen heeft.