Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
hierna te noemen: verdachte.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Midden-Nederland
Op 28 november 2019 werd ingebroken in een woning te [plaats], waarbij diverse goederen werden gestolen. Tevens werden een auto en geldbedragen ontvreemd met behulp van een valse autosleutel en pinpas die bij de inbraak waren weggenomen. Verdachte werd herkend op camerabeelden bij een doe-het-zelf-zaak en een betaalpunt, maar deze herkenning was de enige bewijsgrond.
De rechtbank oordeelde dat de herkenning door de verbalisant onvoldoende betrouwbaar was. Er waren weinig onderscheidende persoonskenmerken zichtbaar op de beelden, de politiefoto waarop de herkenning was gebaseerd ontbrak in het dossier en het was onduidelijk of de verbalisant verdachte eerder had gezien. Ook kon vooringenomenheid niet worden uitgesloten.
Daarom kon de rechtbank de betrokkenheid van verdachte niet aannemelijk achten en sprak hij verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten. Verdachte was niet verschenen op de terechtzitting, waardoor het vonnis bij verstek is gewezen.
De zaak betreft woninginbraak, autodiefstal en diefstal met valse sleutel, waarbij het bewijs uitsluitend rustte op een twijfelachtige herkenning. De rechtbank benadrukte het belang van zorgvuldigheid bij het waarderen van herkenningen op camerabeelden, zeker als het enige bewijs. Het vonnis werd uitgesproken op 2 maart 2022 door de meervoudige kamer van Rechtbank Midden-Nederland.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van betrokkenheid bij woninginbraak en diefstal.