ECLI:NL:RBMNE:2023:1591
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling toelaatbaarheid en verwijdering leerling speciaal onderwijs
De zaak betreft het geschil over de toelaatbaarheidsverklaring voor speciaal onderwijs en de verwijdering van een leerling uit het regulier basisonderwijs. De Stichting en het Samenwerkingsverband Primair Onderwijs Utrecht (SWV) hebben op basis van deskundigenadviezen en het schooldossier besloten tot het afgeven van een toelaatbaarheidsverklaring en de verwijdering van de leerling van de reguliere school.
De leerling, die sinds groep 1 op de school zat, vertoonde sinds groep 3 leer- en gedragsproblemen ondanks intensieve ondersteuning. De school concludeerde handelingsverlegenheid en adviseerde speciaal onderwijs. De ouders stelden dat de leerling geschikt was voor regulier onderwijs en dat onvoldoende inspanningen waren geleverd om dit mogelijk te maken.
De rechtbank overweegt dat het SWV voldoende zorgvuldig heeft gehandeld bij het afgeven van de toelaatbaarheidsverklaring, mede gelet op de deskundigenadviezen. Ook oordeelt de rechtbank dat de Stichting in redelijkheid tot verwijdering kon besluiten, omdat de school niet langer aan de onderwijsbehoeften van de leerling kon voldoen en een andere school bereid was de leerling toe te laten.
De beroepen van de ouders worden ongegrond verklaard. De rechtbank wijst het verzoek om het griffierecht terug te krijgen en proceskostenvergoeding af.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de beroepen van de ouders ongegrond en bevestigt de toelaatbaarheidsverklaring en verwijdering van de leerling.