Eiser, die Sierra Leoonse nationaliteit stelt te hebben, verzocht om naturalisatie, maar de staatssecretaris wees dit af vanwege gerede twijfel aan zijn identiteit en nationaliteit. Deze twijfel was gebaseerd op een taalanalyse uit 2006 die concludeerde dat eiser niet tot de taalgemeenschap van Sierra Leone behoort. Ondanks dat eiser verschillende documenten overlegde, waaronder paspoorten, een geboorteakte en verklaringen van de ambassade, achtte de staatssecretaris deze onvoldoende om de twijfel weg te nemen.
De rechtbank oordeelde dat de staatssecretaris het deskundigenrapport van het Team Onderzoek en Expertise Land en Taal (TOELT) terecht als grondslag gebruikte, aangezien dit zorgvuldig was opgesteld en niet weersproken door een contra-expertise. Wel constateerde de rechtbank dat de staatssecretaris onvoldoende had gemotiveerd waarom de nieuw overgelegde documenten niet tot het wegnemen van de twijfel konden leiden, en dat hij deze documenten niet aan Bureau Documenten had voorgelegd voor onderzoek.
Daarnaast stelde de rechtbank vast dat eiser in bezwaar niet gehoord was, terwijl zijn standpunten en nieuwe stukken dit rechtvaardigden, wat een zorgvuldigheidsgebrek opleverde. De rechtbank concludeerde dat deze gebreken hersteld kunnen worden door de staatssecretaris door eiser alsnog te horen en een aanvullende motivering of nieuwe beslissing te geven. Daarom werd de verdere beslissing aangehouden en de staatssecretaris in de gelegenheid gesteld het gebrek binnen twaalf weken te herstellen.