Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
uitspraak van de meervoudige kamer van 24 juli 2023 in de zaak tussen
[eiseres] , uit [vestigingsplaats] , eiseres
de heffingsambtenaar van de gemeente [gemeente 1] , verweerder
Procesverloop
- [adres 1] in [vestigingsplaats] (hotel-restaurant): € 7.668.000,-;
- [adres 2] in [vestigingsplaats] (antenne): € 22.000,-;
- [adres 3] in [vestigingsplaats] (woning): € 683.000,-.
Overwegingen
UTR 23/2925. Daarvoor wordt niet opnieuw griffierecht geheven. De rechtbank stelt de heffingsambtenaar in de gelegenheid om binnen 4 weken een verweerschrift en taxatierapport in te dienen. De rechtbank verwijst deze zaak terug naar de enkelvoudige kamer.
van de gemeente [gemeente 2]heeft gedaan over de aanslag rioolheffing die hij ten aanzien van het perceel van het hotel heeft opgelegd. Dat beroep wordt door de rechtbank behandeld in de procedure met zaaknummer UTR 22/1028.
€ 6.065.234,-. De heffingsambtenaar handhaaft in beroep de bij de bestreden uitspraken op bezwaar vastgestelde waarde.
WOZ-waarde van het object op de waardepeildatum 1 januari 2020 niet hoger zijn vastgesteld dan de waarde in het economisch verkeer. De waarde in het economisch verkeer is de prijs die zou zijn betaald door de meestbiedende koper als het object op de meest geschikte wijze en na de beste voorbereiding te koop zou zijn aangeboden.
cherry picking: zij wil slechts de gunstige elementen uit de taxatie overnemen, maar zo werkt het niet. Eiseres heeft verder op de zitting de correctie vanwege de WOZ-fictie uit de taxatie ongemotiveerd betwist. De rechtbank ziet geen aanleiding om die correctie voor onjuist te houden.
gedeeltelijkheeft betaald. Ook dat doet hij in veel van de zaken waarin hij als gemachtigde optreedt als algemene handelswijze, terwijl hij weet dat dit een oneigenlijke manier is om een langere betalingstermijn te verkrijgen die geen kans van slagen heeft. De rechtbank verwijst naar en sluit aan bij het arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 14 februari 2023, ECLI:NL:GHARL:2023:1314. Ook hierdoor ontstaat oponthoud in de procedure bij de rechtbank die tot verlenging van de redelijke termijn moet leiden.
Conclusie en gevolgen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek van eiseres om schadevergoeding af.