ECLI:NL:RBMNE:2023:4494

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
19 juli 2023
Publicatiedatum
1 september 2023
Zaaknummer
10585728 LC EXPL 23-1460
Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Verstek
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:119 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Incassovordering toegewezen bij verstek met veroordeling in incasso- en proceskosten

Eiser heeft een incassovordering ingesteld tegen gedaagde, die niet is verschenen en geen verweer heeft gevoerd, waardoor verstek is verleend.

De kantonrechter constateert dat de toepasselijke consumentenbeschermende voorschriften zijn nageleefd en dat de vordering niet onrechtmatig of ongegrond is. Daarom wordt de vordering bij verstek toegewezen.

Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van €499,99, vermeerderd met wettelijke handelsrente over €450,00 vanaf 26 juni 2023, alsmede tot betaling van proceskosten van €276,55 inclusief salaris gemachtigde. Tevens wordt een regeling getroffen voor na dit vonnis ontstane kosten indien gedaagde niet binnen 14 dagen betaalt.

Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.

Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van €499,99 met rente en proceskosten bij verstek.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Civiel recht
kantonrechter
locatie Lelystad
zaaknummer: 10585728 LC EXPL 23-1460

Verstekvonnis d.d. 19 juli 2023

inzake
[eiser] , h.o.d.n. [handelsnaam 1]
wonende te [woonplaats 1]
gemachtigde nl.legal LLP, rechtskundige
eisende partij,
tegen
[gedaagde] , h.o.d.n. [handelsnaam 2]
wonende [adres]
[postcode] [woonplaats 2]
gedaagde partij,
niet verschenen.

De overwegingen van de kantonrechter

De eisende partij heeft een vordering ingesteld.
De gedaagde partij heeft niet (tijdig) geantwoord en evenmin uitstel gevraagd, zodat tegen deze verstek is verleend.
Voor zover dat aan de orde is constateert de kantonrechter dat de toepasselijke consumentenbeschermende voorschriften zijn nageleefd.
De vordering zal, nu deze de kantonrechter niet onrechtmatig of ongegrond voorkomt, bij verstek worden toegewezen met dien verstande, dat de gevorderde nakosten toewijsbaar zijn als na te melden.
De gedaagde partij wordt als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten veroordeeld. De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten zal worden toegewezen met inachtneming van de hierna te bepalen termijn.
De kosten aan de zijde van de eisende partij worden begroot op:
- dagvaarding € 110,55
- griffierecht € 86,00
- salaris gemachtigde
€ 80,00(1 punt(en) x tarief € 80,00)
Totaal € 276,55.
De beslissing
De kantonrechter:
veroordeelt de gedaagde partij om aan de eisende partij tegen bewijs van kwijting te betalen € 499,99, vermeerderd met de wettelijke handelsrente over € 450,00 vanaf 26 juni 2023 tot de voldoening;
veroordeelt de gedaagde partij tot betaling van de proceskosten aan de zijde van de eisende partij, tot de uitspraak van dit vonnis begroot op € 276,55, waarin begrepen € 80,00 aan salaris gemachtigde, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de vijftiende dag na betekening van dit vonnis tot de dag van volledige betaling;
veroordeelt de gedaagde partij, onder de voorwaarde dat deze niet binnen 14 dagen na aanschrijving door eisende partij volledig aan dit vonnis voldoet, in de na dit vonnis ontstane kosten, begroot op een half punt van het toepasselijke liquidatietarief, met een maximum van € 132,00 aan salaris gemachtigde en, indien betekening van het vonnis heeft plaatsgevonden, vermeerderd met de explootkosten van betekening van het vonnis, met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW Pro daarover van de dag van betekening tot de dag van volledige betaling;
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. O.P. van Tricht, kantonrechter, en is in aanwezigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op 19 juli 2023.