Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
ingeschreven in de Basisregistratie personen op het adres:
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
3.VOORVRAGEN
4.WAARDERING VAN HET BEWIJS
A: voetbalveldje van CJVV. [7]
de rechtbank begrijpt: medeverdachte [medeverdachte]) aan haar een rondje te lopen. Zij is meegegaan en die jongen die het bij mij probeerde (
de rechtbank begrijpt: verdachte) is toen ook meegegaan. [16] Ze vroegen haar uit te stappen. Zij is toen uitgestapt en meegegaan.
5.BEWEZENVERKLARING
6.STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN
7.STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
8.OPLEGGING VAN STRAF EN MAATREGEL
9.BENADEELDE PARTIJ
10.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
11.BESLISSING
een gevangenisstraf van 48 maanden;
een gedeelte van 6 maanden, niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders gelast op grond van het feit dat verdachte de hierna te melden algemene en/of bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd;
een proeftijd van 2 (twee) jarenvast;
bijzondere voorwaardendat verdachte gedurende de proeftijd:
de maatregel strekkende tot beperking van de vrijheid als bedoeld in artikel 38v van het Wetboek van Strafrechtvoor de duur van drie jaren en beveelt dat verdachte: op geen enkele wijze, direct of indirect, contact zoekt, maakt of heeft met [slachtoffer 1] (geboren: [2005] ) en [slachtoffer 2] (geboren: [2004] );
dadelijk uitvoerbaaris;
- wijst de vordering van [slachtoffer 1] toe tot een bedrag van € 10.000,-;
- veroordeelt verdachte hoofdelijk tot betaling aan [slachtoffer 1] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 2 oktober 2020 tot de dag van volledige betaling, met dien verstande dat indien en voor zover reeds door een ander (gedeeltelijk) is betaald, verdachte (in zoverre) van deze verplichting zal zijn bevrijd;
- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 1] € 10.000,- aan de Staat te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 2 oktober 2020 tot de dag van volledige betaling, bij niet betaling aan te vullen met 85 dagen gijzeling;
- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij of zijn mededader op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed.