ECLI:NL:RBMNE:2023:4672
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep niet tijdig beslissen en vergoeding griffierecht opgelegd
Eiser diende op 15 juli 2022 een beroep niet tijdig beslissen in omdat het college niet op zijn bezwaar had beslist. Het college besloot alsnog op 9 september 2022 het bezwaar ongegrond te verklaren. Eiser handhaafde zijn beroep en vroeg vergoeding van proceskosten en verletkosten, omdat hij zich genegeerd voelde.
De rechtbank oordeelde dat eiser geen gebruik had gemaakt van beroepsmatige rechtsbijstand zoals vereist voor proceskostenvergoeding en dat de door eiser opgevoerde kosten niet voor vergoeding in aanmerking kwamen. Ook het late inschakelen van een advocaat veranderde hier niets aan.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, wees het verzoek om proceskostenvergoeding af, maar bepaalde dat het college het betaalde griffierecht van €184 aan eiser moet vergoeden omdat het college te laat had beslist en eiser het college in gebreke had gesteld.
Partijen stemden in met een beslissing zonder zitting. De uitspraak werd op 3 juli 2023 gedaan door rechter Mol.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard, het verzoek om proceskostenvergoeding afgewezen en het griffierecht van €184 aan eiser vergoed.