Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.[gedaagde sub 1] ,
[gedaagde sub 2],
1.De procedure
2.De feiten
u laten weten dat hij de huurovereenkomst wilde beëindigen. Dit heeft hij herhaald in een e-mail van 23 oktober en op 25 oktober heeft mevr. [gedaagde sub 2] geantwoord dat zij bereid was om binnen zes maanden te verhuizen, nadat de doucheruimte in de woning hersteld zou zijn. Op zaterdag 19 maart 2022 is die ruimte hersteld. Dit betekent dat de huurovereenkomst zal aflopen uiterlijk op 19 september a.s. (…)
3.De wederzijdse vorderingen en het verweer
4.De beoordeling van de vorderingen van [eiser] (in conventie)
[gedaagde sub 1]
- € 86,00 griffierecht;
- € 125,03 explootkosten;
- € 199,00 salaris gemachtigde (1 punt x het tarief van € 199,00 voor de dagvaarding.