Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit door de Belastingdienst/Toeslagen op haar aanvraag om herbeoordeling van de kinderopvangtoeslag van 3 februari 2021. De rechtbank stelt vast dat de beslistermijn is overschreden en dat eiseres tijdig een ingebrekestelling en beroep heeft ingediend.
De rechtbank bepaalt dat verweerder alsnog een besluit moet nemen binnen de termijnen die de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft vastgesteld, namelijk een vooraankondiging uiterlijk zes weken na verzending van deze uitspraak en een besluit binnen twee weken na ontvangst van een zienswijze of na het verstrijken van de reactietermijn.
Daarnaast legt de rechtbank een dwangsom op van €100 per dag bij overschrijding van deze termijnen, met een maximum van €15.000. Verweerder moet tevens het door eiseres betaalde griffierecht vergoeden.
De uitspraak is gedaan door rechter M.C. Verra en griffier M.E.C. Bakker en is uitgesproken op 19 september 2023. Partijen kunnen binnen zes weken beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.