Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Samen Veilig Midden-Nederland, gevestigd te [vestigingsplaats] ,
Rechtbank Midden-Nederland
In deze zaak gaat het om de verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing van twee minderjarige kinderen bij pleegouders. De kinderen verblijven sinds 2020 in het pleeggezin en staan onder toezicht van de gecertificeerde instelling (GI). De rechtbank heeft eerder de ondertoezichtstelling verlengd en de machtiging tot uithuisplaatsing voor een deel verlengd.
De GI verzoekt om verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing tot het einde van de ondertoezichtstelling en heeft een perspectiefbesluit genomen dat de kinderen bij de pleegouders moeten opgroeien. De ouders zijn het eens met de verlenging van de machtiging maar niet met het perspectiefbesluit. Zij stellen dat het perspectiefbesluit niet zelfstandig aan de rechter kan worden voorgelegd en dat het onvoldoende is onderbouwd.
De rechtbank oordeelt dat het perspectiefbesluit volgens de Hoge Raad wel aan rechterlijk oordeel kan worden onderworpen voor zover dat nodig is voor de beoordeling van samenhangende beslissingen. De rechtbank verlengt de machtiging tot uithuisplaatsing tot 19 mei 2024 en stelt dat het opgroeiperspectief van de kinderen bij de pleegouders ligt, gelet op het NIFP-onderzoek en de omstandigheden. De ouders moeten een omgangsplan krijgen, begeleid door de GI.
De beslissing is uitvoerbaar bij voorraad en het hoger beroep is mogelijk via het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.
Uitkomst: De machtiging tot uithuisplaatsing van de minderjarigen wordt verlengd tot 19 mei 2024 en het perspectiefbesluit van de gecertificeerde instelling wordt aan rechterlijk oordeel onderworpen.