Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.De procedure
2.Waar gaat de zaak over?
3.De beoordeling
ECLI:NL:HR:2016:2704).
398,00(2 punten x tarief € 199,00)
Rechtbank Midden-Nederland
Partijen waren in overleg over een huurovereenkomst voor een appartement met ingang van 1 maart 2023. Eiser betaalde een borg van € 2.100,-, maar de overeenkomst werd op 12 februari 2023 met wederzijds goedvinden ontbonden voordat de huur aanving. Gedaagde betaalde slechts € 750,- van de borg terug.
Eiser vorderde betaling van het resterende bedrag van € 1.350,- plus wettelijke rente en buitengerechtelijke incassokosten. Gedaagde stelde dat hij kosten van leegstand mocht verrekenen en betwistte de incassokosten wegens niet-naleving van wettelijke eisen.
De kantonrechter oordeelde dat de ontbindingsovereenkomst zonder voorwaarden tot stand kwam en dat gedaagde de borg volledig moest terugbetalen. De vordering tot incassokosten werd afgewezen wegens niet-naleving van het Besluit vergoeding buitengerechtelijke incassokosten. Gedaagde werd veroordeeld tot betaling van het resterende borgbedrag, wettelijke rente en proceskosten.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot terugbetaling van € 1.350,- borg plus wettelijke rente en proceskosten aan eiser.