Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.[eiser sub 1] ,
2.[eiser sub 2] ,
1.De procedure
2.De beoordeling
3.De beslissing
hoofdelijkzijn veroordeeld, in die zin dat wanneer de een betaalt, de ander tot de hoogte van de betaling zal zijn bevrijd, om aan [handelsnaam] te betalen € 2.593,25, te vermeerderen met de wettelijke rente zoals bedoeld in artikel 6:119 BW Pro over € 2.238,78 vanaf 22 maart 2023 tot de betaling;