Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.Procesverloop
- betrokkene, bijgestaan door haar advocaat;
2.De standpunten
3.De beoordeling
4.De beslissing
[betrokkene]geboren op [1931] in [geboorteplaats] ;
tot en met 13 oktober 2025.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Midden-Nederland
De rechtbank Midden-Nederland behandelde op 7 december 2023 het verzoek van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) tot het verlenen van een opvolgende rechterlijke machtiging voor verplichte zorg aan betrokkene, die lijdt aan een psychogeriatrische aandoening. Betrokkene verzet zich tegen het verblijf en de zorg, maar de rechtbank oordeelt dat de stoornis en het ernstig nadeel, waaronder lichamelijk letsel en psychische schade, voldoende zijn vastgesteld.
De rechtbank baseert zich op diverse stukken, waaronder het indicatiebesluit, medische verklaringen, het zorgplan en verklaringen van de zorgaanbieder. De rechtbank volgt het arrest van de Hoge Raad van 21 februari 2021, waarin is bepaald dat een opvolgende machtiging ook kan worden verleend indien het verzoek na afloop van de vorige machtiging is ingediend, mits betrokkene nog in de accommodatie verblijft.
De rechtbank wijst het verzoek toe voor de duur van twee jaar, ingaande vanaf het moment dat de vorige machtiging verliep op 13 oktober 2023. De termijnoverschrijding van 34 dagen tussen het verlopen van de vorige machtiging en het indienen van het verzoek wordt geaccepteerd. De rechtbank benadrukt dat er geen minder ingrijpende mogelijkheden zijn om het ernstig nadeel te voorkomen en dat verplichte zorg noodzakelijk is.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open. De beschikking is mondeling gegeven en later schriftelijk ondertekend door rechter J.P.M. Schwillens.
Uitkomst: De rechtbank verleent een opvolgende rechterlijke machtiging voor verplichte zorg voor de duur van twee jaar.