In deze civiele procedure tussen eiser [A] en ING Bank N.V. heeft de rechtbank op 8 november 2023 een vonnis gewezen waarin per abuis in rechtsoverweging 6.9. de proceskostenveroordeling verkeerd was weergegeven. In plaats van dat ING Bank werd veroordeeld tot betaling van de proceskosten aan [A], stond dat [A] veroordeeld werd tot betaling aan ING.
Naar aanleiding van een verzoek tot verbetering door [A] heeft de rechtbank ING Bank in de gelegenheid gesteld om te reageren. ING Bank verzette zich tegen verbetering, stellende dat er geen sprake was van een kennelijke verschrijving en dat de rechter de proceskosten wilde compenseren. De rechtbank oordeelde echter dat in het vonnis geen aanwijzing was voor een compensatie van proceskosten en dat sprake was van een eenvoudige kennelijke fout.
De rechtbank heeft daarom het verzoek tot verbetering toegewezen en het vonnis aangepast zodat ING Bank veroordeeld wordt tot betaling van de proceskosten aan [A]. Tevens is bepaald dat deze verbetering op de minuut van het oorspronkelijke vonnis wordt vermeld en dat partijen de ontvangen vonnissen aan de griffie retourneren.
Het herstelvonnis is op 13 december 2023 gewezen door rechter J.A. Schuman en in het openbaar uitgesproken.