ECLI:NL:RBMNE:2024:1237

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
6 maart 2024
Publicatiedatum
4 maart 2024
Zaaknummer
10782158 \ UC EXPL 23-7565
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 108 lid 2 Rv
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevoegdheidsincident over forumkeuzebeding bij vordering onder €25.000

In deze civiele zaak vordert eiseres betaling van €12.500 voor verleende juridische diensten aan gedaagde. Gedaagde stelt zich in een bevoegdheidsincident op het standpunt dat de kantonrechter relatief onbevoegd is vanwege een forumkeuzebeding tussen partijen.

De kantonrechter onderzoekt de toepasselijkheid van het forumkeuzebeding en concludeert dat artikel 108 lid 2 Rv Pro van toepassing is, omdat het geldelijk belang van de vordering onder de €25.000 ligt. Hierdoor heeft het forumkeuzebeding geen werking, tenzij het beding na het ontstaan van het geschil is overeengekomen, wat hier niet het geval is.

Daarom verklaart de kantonrechter zich bevoegd om kennis te nemen van de zaak en wijst het bevoegdheidsincident af. Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van de proceskosten van eiseres, begroot op €271. De zaak wordt op 3 april 2024 hervat voor de inhoudelijke behandeling.

Uitkomst: De kantonrechter wijst het bevoegdheidsincident af en verklaart zich bevoegd.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Civiel recht, kantonrechter, locatie Utrecht
Zaaknummer: 10782158 UC EXPL 23-7565 WMB/61313
Vonnis in incident van 6 maart 2024
in de zaak van
[eiseres] B.V.,
gevestigd in [vestigingsplaats] ,
eisende partij in de hoofdzaak,
verwerende partij in het incident,
hierna te noemen: [eiseres] ,
gemachtigde: Deurwaarderskantoor Van Lith,
tegen
[gedaagde],
wonend in [woonplaats] ,
gedaagde partij in de hoofdzaak,
eisende partij in het incident,
hierna te noemen: [gedaagde] ,
gemachtigde: mr. J. van Andel.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
  • de dagvaarding van 27 oktober 2023 met producties;
  • de incidentele conclusie tot onbevoegdheid;
  • de incidentele conclusie van antwoord.
1.2.
Hierna is bepaald dat er een vonnis in het bevoegdheidsincident zal worden gewezen.

2.De beoordeling

Wat wil [eiseres] in de hoofdzaak?
2.1.
[eiseres] stelt dat zij in 2022 advies en (rechts)bijstand heeft verleend aan [gedaagde] in verband met de afwikkeling van de nalatenschap van haar moeder. Volgens [eiseres] heeft [gedaagde] de facturen voor de werkzaamheden die [eiseres] heeft verricht grotendeels niet betaald. [eiseres] wil daarom dat [gedaagde] € 12.500,00 betaalt en is daarvoor deze procedure gestart. [gedaagde] heeft nog geen inhoudelijk verweer gevoerd, maar eerst een incidentele vordering ingesteld.
Wat wil [gedaagde] in het incident?
2.2.
[gedaagde] wil in het incident dat de kantonrechter zich relatief onbevoegd verklaart om van deze zaak kennis te nemen. [gedaagde] stelt dat er sprake is van een forumkeuzebeding tussen partijen, waardoor een andere rechtbank uitsluitend bevoegd zou zijn om van deze zaak kennis te nemen. In haar incidentele conclusie van antwoord heeft [eiseres] hiertegen aangevoerd dat het forumkeuzebeding niet van toepassing is in deze zaak op grond van artikel 108 lid 2 Rv Pro.
De kantonrechter zal de vordering in het incident afwijzen
2.3.
De kantonrechter oordeelt dat hij wel bevoegd is om van deze zaak kennis te nemen. Uit de dagvaarding van [eiseres] blijkt dat het beloop van haar vordering maximaal € 12.729,07 bedraagt, waardoor artikel 108 lid 2 Rv Pro van toepassing is. Een forumkeuze zoals bedoeld in lid 1 van dat artikel heeft daarom in principe geen werking voor deze procedure. Dat zou alleen anders zijn als het beding is aangegaan na het ontstaan van het geschil. Dat is hier niet het geval, aangezien het beding al bij het aangaan van de overeenkomst in de algemene voorwaarden is overeengekomen.
2.4.
Het gevolg is dat het forumkeuzebeding geen effect heeft op deze procedure. Omdat [gedaagde] in [woonplaats] , gemeente Utrecht, woont, betekent dit dat de kantonrechter van deze rechtbank bevoegd is om van deze zaak kennis te nemen. De kantonrechter zal de vordering in het incident daarom afwijzen en een datum bepalen waarop [gedaagde] uiterlijk haar conclusie van antwoord kan indienen.
[gedaagde] moet de proceskosten van [eiseres] in het incident betalen
2.5.
[gedaagde] krijgt ongelijk in het incident en moet daarom de proceskosten van [eiseres] in het incident betalen. De proceskosten aan de kant van [eiseres] worden begroot op € 271,00 aan salaris gemachtigde.

3.De beslissing

De kantonrechter:
in het incident
3.1.
wijst het gevorderde af;
3.2.
veroordeelt [gedaagde] in de kosten van het incident, aan de kant van [eiseres] tot vandaag begroot op € 271,00;
3.3.
verklaart deze proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad;
in de hoofdzaak
3.4.
bepaalt dat de zaak weer op de rol zal komen van
woensdag 3 april 2024voor de conclusie van antwoord in de hoofdzaak door [gedaagde] .
Dit vonnis is gewezen door mr. O.P. van Tricht, kantonrechter, en is in aanwezigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op 6 maart 2024.