Eiseres heeft beroep ingesteld omdat de Belastingdienst niet tijdig heeft beslist op haar aanvraag van 11 november 2021 om herbeoordeling van de kinderopvangtoeslag.
De rechtbank stelt vast dat de beslistermijn is overschreden en dat eiseres tijdig beroep heeft ingesteld na ingebrekestelling. De rechtbank bepaalt dat de Belastingdienst alsnog binnen gestelde termijnen een vooraankondiging en een besluit moet nemen.
De rechtbank volgt de nadere beslistermijnen die de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 23 augustus 2023 heeft vastgesteld voor dit soort zaken. Tevens legt de rechtbank een dwangsom van €100 per dag op bij overschrijding, met een maximum van €15.000.
Daarnaast wordt de Belastingdienst opgedragen het betaalde griffierecht van €50 aan eiseres te vergoeden. Er worden geen overige proceskosten toegewezen.
De uitspraak is gedaan door rechter B. Fijnheer en griffier E.J.H.C. Hui op 22 mei 2024.