Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
mr. A.M.J. Comans, advocaat te Utrecht, naar voren hebben gebracht.
2.TENLASTELEGGING
1
2
3.VOORVRAGEN
4.WAARDERING VAN HET BEWIJS
5.BEWEZENVERKLARING
1
2
6.STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN
7.STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
8.OPLEGGING VAN STRAF
9.BESLAG
10.VORDERING TENUITVOERLEGGING
11.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
- 13, 26, 55 van de Wet wapens en munitie
- 2 en 10 van de Opiumwet;
- 1.2.2 Vuurwerkbesluit
- 9.2.2.1 Wet milieubeheer
- 1a, 2 en 6 van de Wet op de economische delicten
- 9, 14a, 14b, 14c, 22c, 22d, 33, 33a, 36b, 36c, 36d, 57 en 63 van het Wetboek van strafrecht
- zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezen verklaarde.
12.BESLISSING
een gevangenisstrafvan
365 (driehonderdvijfenzestig) dagen;
gedeelte van 205 (tweehonderdvijf) dagen niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders gelast op grond van het feit dat verdachte de hierna te melden algemene of bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd;
een proeftijd van 3 (drie) jarenvast;
taakstrafvan
240 (tweehonderdveertig) uren;
wijst de vordering tot tenuitvoerleggingvan de door de politierechter van deze rechtbank bij vonnis van 23 juni 2021 opgelegde voorwaardelijke vrijheidsstraf
toe;
het verrichten van een taakstraf voor de duur van 120 uren;