ECLI:NL:RBMNE:2024:4116
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling loonsanctie wegens onvoldoende re-integratie-inspanningen werkgever
De werknemer viel op 12 mei 2021 ziek uit en werkte als Logistiek/Expeditiemedewerker bij eiseres. Na twee jaar ziekte vroeg de werknemer een WIA-uitkering aan. Het UWV legde een loonsanctie op omdat de werkgever onvoldoende re-integratie-inspanningen had verricht, met name doordat het eigen aangepaste werk vanaf januari 2023 niet meer werd aangeboden.
De werkgever maakte bezwaar tegen de loonsanctie, maar dit werd door het UWV ongegrond verklaard. De rechtbank oordeelt dat de werkgever onvoldoende heeft onderzocht of het aangepaste werk binnen de eigen organisatie passend was en dat andere re-integratiemogelijkheden binnen spoor 1 onvoldoende zijn benut. De werkervaringsplek bij een ander bedrijf vanaf april 2023 was geen structureel passend werk.
De rechtbank volgt het UWV in zijn oordeel dat er geen bevredigend re-integratieresultaat is bereikt. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en de loonsanctie gehandhaafd. De werkgever krijgt geen proceskostenvergoeding en het griffierecht wordt niet teruggegeven.
Uitkomst: Het beroep van de werkgever tegen de loonsanctie wordt ongegrond verklaard en de loonsanctie blijft gehandhaafd.