Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.De procedure
- de dagvaarding van 5 juli 2024, met producties 1 tot en met 16;
- de conclusie van antwoord met een voorwaardelijke eis in reconventie, met producties 1 tot en met 14, ontvangen op 11 juli 2024.
2.De feiten
3.Het geschil
- de vader te veroordelen om met ingang van 1 juli 2024 een bedrag van € 295,72 per maand aan kinderalimentatie aan haar te betalen, steeds per vooruitbetaling voor de eerste van de maand aan haar over te maken op een door haar aan te wijzen bankrekening, dan wel een zodanige ingangsdatum en bijdrage als de voorzieningenrechter in goede justitie juist acht;
- de vader te veroordelen in de kosten van deze procedure.