ECLI:NL:RBMNE:2024:5506
Rechtbank Midden-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Proceskostenveroordeling na intrekking verzoek voorlopige voorziening wegens opschorting dwangsombesluit
In deze bestuursrechtelijke zaak heeft verzoeker een voorlopige voorziening gevraagd tegen een dwangsombesluit van de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Verzoeker trok het verzoek in nadat de minister op 5 augustus 2024 de werking van het dwangsombesluit opschortte tot twee weken na de beslissing op bezwaar.
De voorzieningenrechter heeft vervolgens het verzoek om proceskostenveroordeling beoordeeld. Omdat de minister geheel tegemoet is gekomen aan het verzoek door de opschorting van het dwangsombesluit, is het verzoek om proceskostenveroordeling toewijsbaar. Er waren geen bijzondere omstandigheden die dit konden verhinderen.
De proceskosten worden vastgesteld op €875, gebaseerd op één proceshandeling door de gemachtigde van verzoeker. De griffier zal het betaalde griffierecht aan verzoeker terugbetalen. De uitspraak is gedaan zonder zitting en is bindend, zonder mogelijkheid tot hoger beroep of verzet.
Uitkomst: De minister wordt veroordeeld tot betaling van €875 aan proceskosten na opschorting van het dwangsombesluit.