ECLI:NL:RBMNE:2024:5652
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen vastgestelde WOZ-waarde van een restaurantpand
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen de vastgestelde WOZ-waarde van een onroerende zaak, een restaurantpand met een verhuurbare vloeroppervlakte van 224 m², gelegen aan een adres in een Nederlandse plaats. De heffingsambtenaar had de waarde vastgesteld op €824.000,- per 1 januari 2020, welke waarde ook als heffingsmaatstaf voor de onroerendezaakbelasting en rioolheffing werd gebruikt.
De rechtbank oordeelt dat de heffingsambtenaar voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de WOZ-waarde niet te hoog is vastgesteld. Dit is onder meer gebaseerd op het eigen verkoopcijfer van het object van €825.000,-, gerealiseerd op 17 maart 2020, kort na de waardepeildatum. De door eiseres aangevoerde stelling dat de lockdown en de woonbestemming de waarde onrepresentatief zouden maken, wordt niet aannemelijk geacht omdat zij dit niet voldoende heeft onderbouwd.
De rechtbank wijst ook het verzoek om immateriële schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn af. De overschrijding is toe te rekenen aan het procedeergedrag en de beperkte beschikbaarheid van de gemachtigde van eiseres. Het beroep wordt ongegrond verklaard, de WOZ-waarde blijft gehandhaafd en er is geen aanleiding voor vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde wordt ongegrond verklaard en de waarde van €824.000,- blijft gehandhaafd.