De gemeente Utrecht heeft beroep ingesteld tegen het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) omdat dit bestuursorgaan niet tijdig heeft beslist op een verzoek tot herbeoordeling van de arbeidsongeschiktheid van een werknemer op grond van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA).
De rechtbank stelt vast dat het UWV de ingebrekestelling van 14 maart 2024 heeft ontvangen en sindsdien de beslistermijn van twee weken is verstreken zonder dat een besluit is genomen. Het UWV gaf aan dat een tekort aan artsen de vertraging veroorzaakt. De rechtbank verlengt daarom de beslistermijn naar vier weken na verzending van het vonnis.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt het niet tijdig genomen besluit en draagt het UWV op binnen vier weken alsnog een besluit te nemen. Tevens wordt een dwangsom van €100 per dag opgelegd met een maximum van €15.000 bij overschrijding van deze termijn.
Verder krijgt de gemeente Utrecht een proceskostenvergoeding van €218,75 toegekend wegens inschakeling van een gemachtigde en wordt het griffierecht van €371 vergoed. De uitspraak is gedaan door rechter R.C. Stijnen op 10 oktober 2024.