ECLI:NL:RBMNE:2024:6304
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
CBR legt terecht Educatieve Maatregel Alcohol op wegens rijden onder invloed
Deze bestuursrechtelijke zaak betreft het beroep van eiser tegen het door het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) opgelegde besluit tot het volgen van een Educatieve Maatregel Alcohol (EMA). Het CBR baseerde het besluit op een mededeling van de politie dat eiser op 9 augustus 2023 onder invloed van alcohol een motorvoertuig bestuurde. Eiser werd door de politierechter vrijgesproken, maar de rechtbank stelt dat dit niet automatisch betekent dat het bestuursrechtelijke vermoeden van ongeschiktheid is komen te vervallen.
De rechtbank overweegt dat in bestuursrechtelijke procedures andere bewijsregels gelden dan in strafrechtelijke procedures. Voor het opleggen van een EMA is het voldoende dat met voldoende mate van zekerheid kan worden vastgesteld dat eiser onder invloed als bestuurder heeft gehandeld. Uit het proces-verbaal blijkt dat eiser sterk naar alcohol rook, eigenaar was van het betrokken voertuig en door getuigen werd herkend als bestuurder. Daarnaast heeft eiser zelf verklaard dat hij in de auto reed.
De rechtbank concludeert dat het CBR terecht een EMA heeft opgelegd en verklaart het beroep ongegrond. Eiser krijgt geen vergoeding van griffierecht of proceskosten. De uitspraak is gedaan door rechter E.M. van der Linde op 13 juni 2024.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt dat het CBR terecht een EMA heeft opgelegd.