Uitspraak
1.De procedure
- de conclusie van antwoord.
Rechtbank Midden-Nederland
Eiser kocht op 14 januari 2023 een tweedehands Volkswagen Passat van gedaagde. Kort na aankoop constateerde eiser diverse ernstige gebreken aan de auto, die binnen een jaar na levering optraden. Gedaagde weigerde de gebreken te herstellen, waarna eiser de auto door een andere garage liet repareren en vervolgens ontbinding van de koopovereenkomst vorderde met terugbetaling van de aankoopprijs en vergoeding van reparatiekosten.
De kantonrechter oordeelde dat de auto niet voldeed aan de overeenkomst, mede op grond van het rechtsvermoeden uit artikel 7:18a lid 2 BW dat gebreken binnen een jaar na aflevering reeds aanwezig waren. De gebreken waren zo ernstig dat normaal gebruik niet mogelijk was, waardoor eiser gerechtigd was de overeenkomst te ontbinden.
Als gevolg van de ontbinding moet eiser de auto teruggeven en gedaagde de volledige aankoopprijs van € 12.950,00 terugbetalen, ongeacht de inruilkorting. Daarnaast moet gedaagde de reparatiekosten van € 2.412,55 en buitengerechtelijke incassokosten van € 361,88 vergoeden. De wettelijke rente wordt toegewezen vanaf respectievelijk de datum van dagvaarding en ingebrekestelling. Gedaagde is tevens veroordeeld in de proceskosten van € 1.792,42. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De koopovereenkomst wordt ontbonden en gedaagde moet de aankoopprijs, reparatiekosten, incassokosten en proceskosten aan eiser betalen.