Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op haar bezwaar van 16 januari 2023 tegen de definitieve beschikking compensatie kinderopvangtoeslag. De rechtbank had bij uitspraak van 18 december 2023 reeds geoordeeld dat verweerder binnen zes weken een besluit moest nemen.
Ondanks deze termijn is verweerder niet tot besluitvorming overgegaan. De rechtbank stelt vast dat de gestelde termijn op 29 januari 2024 is verstreken en dat verweerder nog geen besluit heeft genomen. Daarom verklaart de rechtbank het beroep gegrond en draagt verweerder op alsnog een besluit te nemen.
Gezien de complexiteit en de gemiddelde doorlooptijd van bezwaarprocedures stelt de rechtbank een realistische beslistermijn van twintig weken na verzending van deze uitspraak. Tevens wordt een dwangsom van €50 per dag ingesteld bij overschrijding, met een maximum van €15.000.
Verder veroordeelt de rechtbank verweerder tot vergoeding van de proceskosten van eiseres ad €437,50 en het betaalde griffierecht van €51. De uitspraak is gedaan door rechter P.J. Blok en griffier A. Wilpstra-Foppen op 13 december 2024.