Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op haar bezwaar van 8 november 2023 tegen de definitieve beschikking compensatie kinderopvangtoeslag. De rechtbank had eerder bij uitspraak van 29 mei 2024 een termijn gesteld waarbinnen verweerder moest beslissen, maar deze termijn is verstreken zonder besluit.
De rechtbank stelt vast dat de rechtbank Midden-Nederland bevoegd is om over het beroep te oordelen en verklaart het beroep gegrond. Verweerder wordt opgedragen alsnog binnen twintig weken na verzending van deze uitspraak een besluit op bezwaar te nemen. Tevens wordt een dwangsom van €50 per dag met een maximum van €15.000 opgelegd voor het niet naleven van deze termijn.
Daarnaast wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van eiseres, vastgesteld op €453,50, en tot vergoeding van het betaalde griffierecht van €53. De uitspraak is gedaan door rechter C.M. Dijksterhuis en uitgesproken op 21 februari 2025.