Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op haar bezwaar tegen de definitieve beschikking compensatie kinderopvangtoeslag. De rechtbank stelt vast dat de beslistermijn door verweerder is overschreden en dat eiseres tijdig beroep heeft ingesteld na ingebrekestelling.
De rechtbank beveelt verweerder om alsnog binnen een realistische termijn van veertig weken na het verweerschrift een besluit te nemen, waarbij de uiterste datum is vastgesteld op 10 november 2025. Tevens wordt een dwangsom van €50 per dag opgelegd voor elke dag dat verweerder deze termijn overschrijdt, met een maximum van €15.000.
Verder wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van eiseres en het betaalde griffierecht. De rechtbank wijst op eerdere jurisprudentie waarin deze termijn en dwangsomregeling zijn vastgesteld. De uitspraak is gedaan door rechter J.H. Lange en uitgesproken in het openbaar op 26 maart 2025.