Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen van verweerder op haar bezwaar van 13 maart 2023 tegen de definitieve beschikking compensatie kinderopvangtoeslag. De rechtbank had eerder op 29 mei 2024 een termijn gesteld waarbinnen verweerder een besluit moest nemen, maar deze termijn is verstreken zonder besluit.
De rechtbank constateert dat verweerder nog niet heeft beslist en verklaart het beroep gegrond. Omdat het een bijzonder geval betreft, stelt de rechtbank een nieuwe beslistermijn van twintig weken na verzending van deze uitspraak vast, aansluitend bij de gemiddelde doorlooptijd van de bezwaarprocedure.
Daarnaast legt de rechtbank een dwangsom op van €50 per dag met een maximum van €15.000 om verdere vertraging te voorkomen. Eiseres krijgt tevens een vergoeding van €453,50 voor proceskosten en het betaalde griffierecht van €53,- wordt aan haar vergoed.
De uitspraak is gedaan door rechter I. Helmich en griffier M.A.W.M. Engels, en is uitgesproken in het openbaar op 24 maart 2025.