ECLI:NL:RBMNE:2025:1513
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen hoogte tegemoetkoming Kindregeling toeslagenaffaire
Eiseres, een kind van een gedupeerde ouder van de toeslagenaffaire, kreeg ambtshalve een tegemoetkoming van € 4.000,- toegekend op grond van de Kindregeling uit de Wet hersteloperatie toeslagen (Wht). Zij stelde dat deze vergoeding onvoldoende was en deed een beroep op de hardheidsregeling en schadevergoeding wegens immateriële schade en discriminatie.
De rechtbank oordeelde dat eiseres voldoet aan de voorwaarden voor de tegemoetkoming en dat de hoogte van € 4.000,- conform artikel 2.12 Wht dwingendrechtelijk is vastgesteld. De hardheidsregeling ziet niet op de hoogte van de tegemoetkoming maar op de doelgroep en biedt geen ruimte voor afwijking van artikel 2.12. Nieuwe ontwikkelingen en het evenredigheidsbeginsel bieden geen grond voor afwijking.
Verder verwierp de rechtbank de stelling van vooringenomenheid bij Dienst Toeslagen en concludeerde dat er een volledige heroverweging in bezwaar heeft plaatsgevonden. Het verzoek om inzage in persoonlijke dossiers werd afgewezen omdat het ging om processtukken en niet om persoonsgegevens.
De rechtbank wees ook de verzoeken om schadevergoeding af, omdat deze nog in behandeling zijn bij Dienst Toeslagen en er geen onrechtmatig besluit is vastgesteld. Het beroep werd ongegrond verklaard, het griffierecht werd niet teruggegeven en proceskosten werden niet vergoed.
Uitkomst: Het beroep tegen de hoogte van de tegemoetkoming van € 4.000,- wordt ongegrond verklaard.