Eiseres heeft bezwaar gemaakt tegen de definitieve beschikking compensatie kinderopvangtoeslag. Verweerder heeft niet tijdig op dit bezwaar beslist, ondanks ingebrekestelling op 31 oktober 2024. Eiseres stelde vervolgens beroep in tegen het niet tijdig nemen van een besluit.
De rechtbank heeft het verzoek om vrijstelling van griffierecht wegens betalingsonmacht toegewezen. Het beroep is gegrond verklaard omdat verweerder niet binnen de wettelijke termijn heeft beslist. De rechtbank bepaalt dat verweerder alsnog binnen een nieuwe termijn van veertig weken na het indienen van het verweerschrift een besluit moet nemen.
Deze termijn loopt tot uiterlijk 22 oktober 2025. Daarnaast is een dwangsom van €50 per dag opgelegd voor elke dag dat verweerder deze termijn overschrijdt, met een maximum van €15.000. De uitspraak is gedaan door rechter B. Fijnheer en griffier M.A.W.M. Engels op 27 februari 2025.