Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
- verdachte en zijn raadsman, mr. F. Visser, advocaat te Utrecht;
- de advocaat van benadeelde partij [benadeelde 1] , mr. R. Korver, advocaat te
2.TENLASTELEGGING
3.VOORVRAGEN
4.WAARDERING VAN HET BEWIJS
verklaring van verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 7 maart 2025, inhoudende, zakelijk weergegeven:
proces-verbaal van verhoor van verdachtebij de politie van 26 augustus 2023, inhoudende, zakelijk weergegeven, als verklaring van verdachte: [2]
proces-verbaal forensisch overlijdensonderzoek [slachtoffer] (en de daarbij gevoegde fotomap), opgemaakt door verbalisanten [verbalisant 1] en [verbalisant 2] , inhoudende, zakelijk weergegeven [3] :
Forensisch pathologisch onderzoek naar aanleiding van een mogelijk niet-natuurlijke aard van overlijden (en de daarbij gevoegde bijlagen), van 15 januari 2024, opgemaakt door arts en forensisch patholoog drs. P.M.I. van Driessche, inhoudende, zakelijk weergegeven [4] :
- de bekennende verklaring van verdachte ter terechtzitting van 7 maart 2025;
- een proces-verbaal van bevindingen
- de bekennende verklaring van verdachte ter terechtzitting van 7 maart 2025
- een proces-verbaal van bevindingen camerabeelden
5.BEWEZENVERKLARING
6.STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN
7.STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
8.OPLEGGING VAN STRAF EN MAATREGEL
- een uittreksel justitiële documentatie betreffende verdachte van 13 juni 2023;
- een Pro Justitia Rapportage van het Pieter Baan Centrum van 8 oktober 2024 opgemaakt door de psychiater en de GZ-psycholoog (hierna: de deskundigen);
voor de duur van 10 jarenmet aftrek van de tijd die verdachte in voorarrest heeft doorgebracht.
9.BENADEELDE PARTIJEN
- de aard, de toedracht en de gevolgen van de jegens het primaire slachtoffer gepleegde onrechtmatige daad, waaronder de intentie van de dader en de aard en ernst van het aan het primaire slachtoffer toegebrachte leed;
- de wijze waarop het secundaire slachtoffer wordt geconfronteerd met de jegens het primaire slachtoffer gepleegde onrechtmatige daad en de gevolgen daarvan. Daarbij kan onder meer worden betrokken of hij door fysieke aanwezigheid of anderszins onmiddellijk kennis kreeg van het onrechtmatige handelen jegens het primaire slachtoffer, of dat hij nadien met de gevolgen van dit handelen werd geconfronteerd. Bij een latere confrontatie kan een rol spelen in hoeverre zij onverhoeds was;
- de aard en hechtheid van de relatie tussen het primaire slachtoffer en het secundaire slachtoffer, waarbij geldt dat bij het ontbreken van een nauwe relatie niet snel onrechtmatigheid kan worden aangenomen.
zelfis getroffen door de onrechtmatige daad. De rechtbank zal de vordering op dit punt dan ook afwijzen.
10.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
11.BESLISSING
gevangenisstrafvan
10 (tien) jaren;
- gelast dat verdachte
- bepaalt dat de totale duur van de terbeschikkingstelling niet in tijd is beperkt;
- wijst de vordering van [benadeelde 1] toe tot een bedrag van € 25.011,56, bestaande uit een vergoeding van € 7.511,56, voor materiële schade en een vergoeding van immateriële schade van € 17.500,00;
- veroordeelt verdachte tot betaling aan [benadeelde 1] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 25 augustus 2023 tot de dag van volledige betaling;
- wijst de meer gevorderde materiële schade af;
- wijst de gevorderde immateriële schade af;
- veroordeelt verdachte in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt verdachte de verplichting op ten behoeve van [benadeelde 1] aan de Staat
- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed;
- wijst de gevorderde materiele schade af;
- wijst de gevorderde immateriële schade af;
- veroordeelt de benadeelde partij in de kosten door de verdachte gemaakt, tot op heden begroot op nihil.