Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op haar bezwaar van 21 februari 2024 tegen de definitieve beschikking compensatie kinderopvangtoeslag. Verweerder heeft erkend dat de beslistermijn is overschreden, nadat eiseres verweerder op 4 november 2024 in gebreke stelde en vervolgens op 18 december 2024 beroep instelde.
De rechtbank Midden-Nederland is bevoegd om over dit beroep te oordelen en verklaart het beroep gegrond. Omdat verweerder nog geen besluit heeft genomen, wordt hem opgedragen dit alsnog te doen binnen een redelijke termijn. De rechtbank stelt een termijn van veertig weken na het indienen van het verweerschrift als realistisch, wat neerkomt op uiterlijk 20 oktober 2025.
De rechtbank bepaalt tevens een dwangsom van € 50,- per dag bij overschrijding van deze termijn, met een maximum van € 15.000,-. Verder wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van eiseres (€ 453,50) en het betaalde griffierecht (€ 51,-).