Uitspraak
[eiser] , uit [woonplaats] , eiser
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen
Inleiding
BeslissingDe rechtbank verklaart het beroep ongegrond.
Rechtbank Midden-Nederland
Eiser heeft een WW-uitkering aangevraagd maar het UWV wees dit af omdat hij niet voldeed aan de wekeneis, die vereist dat in de referteperiode van 36 weken minimaal 26 weken arbeid is verricht. Eiser verbleef echter deels in voorlopige hechtenis en had een gebiedsverbod, waardoor hij minder dan 26 weken werkte.
Eiser stelde dat hij tijdens zijn detentie arbeidsongeschikt raakte en daarom recht had op loon en daarmee aan de wekeneis voldeed. De rechtbank oordeelde dat de primaire oorzaak van het niet kunnen werken de detentie en het gebiedsverbod was, niet ziekte. Volgens het Burgerlijk Wetboek bestaat geen recht op loon als verhindering om te werken een andere oorzaak dan ziekte heeft.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde dat het UWV terecht geen WW-uitkering toekende. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd mondeling gedaan op 20 juni 2025 door rechter Wolbrink in Almere.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard omdat hij niet voldoet aan de wekeneis voor een WW-uitkering.