Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.De procedure
2.De kern van de zaak
5.De beslissing
woensdag 24 september 2025 om 11.00 uur, waar de eisende partij zich schriftelijk dient uit te laten over wat is overwogen in paragraaf 4 van dit vonnis;
Rechtbank Midden-Nederland
De eisende partij, een BV, vordert betaling van een achterstand op maandelijkse termijnen voor het gebruik van een boxspring. De gedaagde partij is in gebreke gebleven en verstek is verleend.
De kantonrechter oordeelt dat de overeenkomst niet als huur, maar als goederenkrediet moet worden gekwalificeerd, omdat het eigendomsrecht uiteindelijk overgaat op de consument. Dit betekent dat andere consumentenbeschermende regels van toepassing zijn.
Omdat onvoldoende informatie is verstrekt over de naleving van deze regels, waaronder het niet overleggen van de kredietovereenkomst en onduidelijkheid over de kredietcheck, wordt de eisende partij in de gelegenheid gesteld deze informatie alsnog te verstrekken.
De zaak wordt aangehouden en verwezen naar een rolzitting, waarbij de gedaagde partij de gelegenheid krijgt om na kennisname van de gewijzigde grondslag verweer te voeren.
Uitkomst: De zaak wordt aangehouden en de eisende partij krijgt gelegenheid aanvullende informatie te verstrekken over de naleving van consumentenbescherming.