Uitspraak
1.[gedaagde sub 1] ,
2.
[gedaagde sub 2],
1.De procedure
- de conclusie van antwoord
- de conclusie van repliek.
Rechtbank Midden-Nederland
Woonin vordert ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming van de woonruimte vanwege een huurachterstand, alsmede betaling van de achterstand met rente en incassokosten. De huurders betwisten de vorderingen deels omdat zij de achterstand al gedeeltelijk hebben voldaan.
De rechtbank oordeelt dat de huurachterstand op het moment van dagvaarding net iets minder dan drie maanden bedroeg, en na betaling van een groot deel daarvan nog minder dan één maand openstond. Op de datum van de conclusie van repliek was de achterstand ongeveer twee maanden, wat onvoldoende is voor ontbinding. Daarnaast weegt mee dat er minderjarige kinderen in de woning verblijven, en Woonin onvoldoende heeft onderbouwd welke maatregelen worden getroffen om dakloosheid te voorkomen.
De rechtbank veroordeelt de huurders tot betaling van de resterende huurachterstand en de wettelijke rente vanaf augustus 2024, alsmede de huur over de maanden oktober 2024 tot en met januari 2025 bij te late betaling. Het incassokostenbeding in de algemene voorwaarden wordt ambtshalve vernietigd wegens oneerlijkheid, waardoor vergoeding van incassokosten wordt afgewezen. De proceskosten worden hoofdelijke aan de huurders opgelegd. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De vordering tot ontbinding en ontruiming wordt afgewezen; huurders moeten resterende huur en rente betalen, incassokostenbeding wordt vernietigd.