Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
[betrokkene 1] uit [plaats 1] ;
Inleiding
Beoordeling
Betrokkene beschikt over onvoldoende financiële middelen tijdig zekerheid te stellen. Daarom verzoek ik u de zekerheid op nihil te stellen.”
Rechtbank Midden-Nederland
Aan betrokkenen zijn administratieve sancties opgelegd voor verkeersovertredingen uit 2022 en 2023. Tegen de beslissing van de officier van justitie hebben zij beroep ingesteld bij de kantonrechter. De kantonrechter stelde vast dat betrokkenen geen zekerheid hadden gesteld voor betaling van de boetes en administratiekosten, terwijl dit verplicht is.
Hoewel het fundamentele recht op toegang tot de rechter niet mag worden belemmerd, werd geen onderbouwing gegeven voor het draagkrachtverweer ondanks verzoeken en mogelijkheid tot toelichting op de zitting. De standaardtekst over het ontbreken van financiële middelen werd routinematig gebruikt zonder feitelijke onderbouwing.
De kantonrechter oordeelde dat deze werkwijze van de gemachtigde zeer belastend is voor de zittingscapaciteit en dat het handhaven van draagkrachtverweren zonder onderbouwing evident kansloos is. Gezien het feit dat dit door een ervaren rechtsbijstandverlener werd gedaan, werd geconcludeerd dat sprake is van misbruik van recht.
Daarom werden de beroepen niet-ontvankelijk verklaard. Er is geen proceskostenveroordeling opgelegd omdat de officier van justitie geen kosten had gemaakt. De uitspraak werd gedaan op 10 november 2025.
Uitkomst: De beroepen tegen de verkeersboetes worden niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van zekerheidstelling en misbruik van recht.