Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.De procedure
2.De kern van de zaak
3.De beoordeling
€ 67,50 (plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
Rechtbank Midden-Nederland
De zaak betreft een civiele procedure tussen eiseres, exploitant van een parkeeraccommodatie, en gedaagde die zonder betaling de parkeerfaciliteit heeft verlaten door direct achter een voorganger onder of langs de slagboom te rijden ('treintje rijden'). Eiseres vordert betaling van parkeergeld, een aanvullende schadevergoeding, rente en incassokosten.
De gedaagde partij is niet verschenen, waardoor verstek is verleend. De kantonrechter beoordeelt ambtshalve de toepasselijkheid en redelijkheid van de algemene voorwaarden van eiseres. De algemene voorwaarden, versie 2.2025, zijn via een informatiebord bij de ingang kenbaar gemaakt en bevatten een beding over vergoeding bij verloren kaart en aanvullende schadevergoeding.
De kantonrechter oordeelt dat dit beding niet onredelijk bezwarend is en dat de vordering van eiseres gegrond is. De gedaagde partij wordt veroordeeld tot betaling van het verschuldigde parkeergeld, de schadevergoeding, de wettelijke rente vanaf de datum van het verlaten van de faciliteit zonder betaling, en de buitengerechtelijke incassokosten met rente vanaf de dagvaarding. Tevens worden de proceskosten aan de gedaagde opgelegd.
Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van parkeergeld, schadevergoeding, incassokosten en rente.