ECLI:NL:RBMNE:2025:6861

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
14 oktober 2025
Publicatiedatum
22 december 2025
Zaaknummer
UTR 24/3982
Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Type
Uitspraak
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing aanvraag hoog persoonlijk kilometerbudget door de Rechtbank Midden-Nederland

Op 5 oktober 2023 heeft eiseres een aanvraag ingediend voor een hoog persoonlijk kilometerbudget (hoog pkb). Deze aanvraag is door verweerder, FMMU Advies B.V., afgewezen met een besluit op 1 december 2023. Eiseres heeft bezwaar gemaakt, maar verweerder heeft het bestreden besluit op 12 maart 2024 gehandhaafd. Eiseres heeft hierop beroep ingesteld, dat op 18 september 2025 door de rechtbank is behandeld. Eiseres is in het bezit van een Valys-pas, waarmee zij 700 kilometer per jaar kan reizen, maar zij wil in aanmerking komen voor een hoog pkb van 2.350 kilometer. Verweerder heeft de aanvraag afgewezen op basis van medisch advies waaruit blijkt dat eiseres in staat is om met begeleiding met de trein te reizen. Eiseres betwist dit en verwijst naar haar beperkingen en een ander medisch advies dat haar situatie zou onderbouwen. De rechtbank heeft vastgesteld dat het medisch advies van 6 maart 2024, waar verweerder zich op baseert, geen twijfel oproept. Eiseres heeft niet aangetoond dat haar rolstoel niet voldoet aan de eisen van de NS en dat zij geen gebruik kan maken van de voorzieningen op het station. De rechtbank concludeert dat de afwijzing van de aanvraag door verweerder op goede gronden is gedaan en verklaart het beroep ongegrond. Eiseres krijgt geen griffierecht terug en ook geen vergoeding van proceskosten.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Zittingsplaats Almere
Bestuursrecht
zaaknummer: UTR 24/3982

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 14 oktober 2025 in de zaak tussen

[eiseres] , uit [plaats] , eiseres

(gemachtigde: mr. J.J.J. Broekhuizen),
en

FMMU Advies B.V., verweerder

(gemachtigde: mr. J. Ramnath).

Procesverloop

1. Eiseres heeft op 5 oktober 2023 een aanvraag ingediend voor een hoog persoonlijk kilometer budget (hoog pkb).
2. Verweerder heeft deze aanvraag met het besluit van 1 december 2023 afgewezen. Met het bestreden besluit van 12 maart 2024 op het bezwaar van eiseres is verweerder bij de afwijzing van de aanvraag gebleven.
3. Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit.
4. De rechtbank heeft het beroep op 18 september 2025 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiseres, de gemachtigde van eiseres en verweerder.

Beoordeling door de rechtbank

5. Eiseres is in het bezit van een Valys-pas met een laag pkb waarmee zij 700 kilometer per jaar kan reizen. Eiseres wil in aanmerking komen voor een hoog pkb waarmee zij 2.350 kilometer kan reizen.
6. Verweerder heeft de aanvraag van eiseres afgewezen. Verweerder heeft hieraan ten grondslag gelegd dat eiseres medisch gezien in staat is om (met begeleiding) met de trein te reizen. Verweerder heeft zich hierbij gebaseerd op het medisch advies van arts
[A] van 6 maart 2024.
7. Eiseres voert in beroep aan dat reizen met de trein voor haar medisch gezien niet mogelijk is. Eiseres wijst op haar beperkingen en het medisch advies van 22 oktober 2023 waarin, onder andere, staat dat zij bekend is met beperkingen in het verplaatsen met het OV. Volgens eiseres levert dit advies een concreet aanknopingspunt voor twijfel aan het medisch advies waar verweerder zich op baseert. Daarnaast voldoet de afmeting van haar rolstoel volgens eiseres niet aan de door de NS gestelde voorwaarden en is het voor haar niet mogelijk om gebruik te maken van de toiletten op het station. Eiseres doet verder een beroep op de uitspraak van de rechtbank Breda van 26 april 2023 [1] . Zonder NS-assistentie kan eiseres niet reizen. Volgens eiseres is voor haar niet te controleren of het personeelstekort bij de NS inmiddels is opgelost. Eiseres wijst op het feit dat de Tweede Kamer eind 2023 heeft ingestemd met een motie tot het afschaffen van de kilometerregistratie in het openbaar vervoer. Zonder hoog pkb is eiseres niet in staat om haar moeder in Vlaardingen te bezoeken.
8. De grondslag voor een hoog pkb wordt gevormd door het ‘Indicatieprotocol hoog persoonlijk kilometerbudget’ (het Protocol). Volgens vaste jurisprudentie van de Centrale Raad van Beroep (CRvB) gaan de in het protocol neergelegde toetsingscriteria de grenzen van een redelijke beleidsbepaling niet te buiten.
9. Volgens het Indicatieprotocol komt een aanvrager slechts in aanmerking voor een hoog pkb wanneer:
1. De aanvrager beschikt over een Wmo-vervoersvoorziening (Valys-pas), Wmo-rolstoel, scootmobiel of OV-begeleiderskaart en
2. Gebruik moet maken van een rolstoel of scootmobiel waarvan gewicht, en/of maatvoering in combinatie met de aanvrager (de zogenaamde 'mens-machinecombinatie' zodanig is dat deze de grenzen van mogelijkheid tot hulpverlening door de NS overschrijden en /of
3. Door persoonsgebonden medische beperkingen van chronische aard vanuit strikt medische optiek niet in staat is met de trein te reizen.
10. In de toelichting bij het Indicatieprotocol is vermeld dat verweerder er bij de beoordeling vanuit gaat dat pashouders bij het reizen zo nodig gebruik maken van individuele begeleiding en/of de door NS en Valys ter beschikking gestelde voorzieningen, zoals invalidentoiletten in de stations en in de treinen en NS-assistentieverlening. De aanvrager is zelf verantwoordelijk voor het verzorgen van eventuele begeleiding tijdens de reis. Onderdeel van de inhoudelijke beoordeling is of er sprake is van een uitzonderlijke situatie die afwijking van de criteria in het protocol rechtvaardigt.
11. De rechtbank stelt vast dat uit het medisch advies van arts [A] van 6 maart 2024 blijkt dat eiseres een ernstig verminderde mobiliteit en inspanningstolerantie heeft. De arts concludeert dat eiseres kan reizen met de trein met gebruikmaking van een rolstoel en de hulp van een persoonlijke begeleider. De rechtbank is van oordeel dat wat door eiseres is aangevoerd geen concreet aanknopingspunt vormt voor twijfel aan de juistheid of de zorgvuldigheid van het advies van 6 maart 2024. Hierbij is van belang dat het advies van
22 oktober 2023, waar eiseres naar verwijst, niet is opgesteld in het kader van de beoordeling van het hoog pkb maar in het kader van de beoordeling van het recht op huishoudelijke hulp op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning. Dit betreft een ander doel en beoordelingskader. Ook is gebleken dat het advies van 22 oktober 2023 door de arts is betrokken bij de totstandkoming van het advies van 6 maart 2024. Verder is van belang dat eiseres niet heeft onderbouwd dat haar (hand)rolstoel niet voldoet aan de door de NS gestelde afmetingen. Ook is door eiseres niet onderbouwd dat zij geen gebruik kan maken van het invalidentoilet op de stations en dat er geen NS-assistentie beschikbaar zou zijn, terwijl verweerder gemotiveerd heeft gesteld dat de personeelstekorten bij de NS inmiddels zijn opgelost.
12. De omstandigheid dat de moeder van eiseres ver weg woont leidt niet tot een ander oordeel. In het beoordelingskader is uitdrukkelijk opgenomen dat de omstandigheid dat vrienden en familie ver weg wonen geen bijzondere omstandigheid is die afwijking van het Indicatieprotocol rechtvaardigt. Ook de omstandigheid dat het kader in de toekomst mogelijk gaat veranderen vormt geen uitzonderlijke situatie die afwijking van de criteria in het Indicatieprotocol rechtvaardigt.
13. De rechtbank concludeert dat verweerder zich op goede gronden op het standpunt heeft gesteld eiseres niet in aanmerking komt voor een hoog pkb. Het beroep slaagt niet.

Conclusie en gevolgen

14. Het beroep is ongegrond. Eiseres krijgt daarom het griffierecht niet terug. Zij krijgt ook geen vergoeding van haar proceskosten.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. N.M. Spelt, rechter, in aanwezigheid van
mr.M. van Ettikhoven, griffier. De uitspraak is uitgesproken in het openbaar op
14 oktober 2025.
griffier
rechter
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Centrale Raad van Beroep waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden.
Digitaal hoger beroep instellen kan via “Formulieren en inloggen” op www.rechtspraak.nl. Hoger beroep instellen kan eventueel ook nog steeds door verzending van een brief aan de Centrale Raad van Beroep, Postbus 16002, 3500 DA Utrecht.
Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Centrale Raad van Beroep vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.