Uitspraak
RECHTBANK Midden-Nederland
[eiseres],
[gedaagde] ,
1.De procedure
2.De verdere beoordeling
€ 178,00(plus de verhoging bij niet tijdige betaling)
€ 178,00(plus de verhoging bij niet tijdige betaling)
3.De beslissing
26 februari 2025.
Rechtbank Midden-Nederland
In deze bouwzaak tussen een BV als aannemer en een particulier als opdrachtgever heeft de rechtbank Midden-Nederland op 26 februari 2025 uitspraak gedaan over diverse geschilpunten rondom de oplevering van een nieuwbouwwoning.
De rechtbank beoordeelde aanvullende gebreken die door de opdrachtgever waren aangevoerd, waaronder ventilatieproblemen, een gat in de betonnen vloer en tekortkomingen aan binnenwanden. Hoewel enkele gebreken werden vastgesteld, waren deze onvoldoende zwaarwegend om ontbinding van de aanneemovereenkomst te rechtvaardigen. De schadevergoeding werd begroot op €19.672,87, terwijl de openstaande aanneemsom na verrekening €167.430,66 bedroeg.
Verder werd het recht van retentie door de aannemer erkend vanwege het betalingsverzuim van de opdrachtgever. De opdrachtgever werd veroordeeld tot betaling van de openstaande aanneemsom, wettelijke rente, buitengerechtelijke incassokosten en retentiekosten. De vordering van de opdrachtgever tot ontbinding werd afgewezen, evenals diverse schadeposten die onvoldoende waren onderbouwd.
Tot slot werd een gefixeerde boete voor overschrijding van de bouwtermijn deels toegewezen en werden de proceskosten verdeeld conform de uitkomst van de procedure.
Uitkomst: De rechtbank wijst gedeeltelijke betaling aanneemsom en schadevergoeding toe, wijst ontbinding af en bevestigt retentierecht aannemer.