ECLI:NL:RBMNE:2025:924
Rechtbank Midden-Nederland
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot aanpassing vrij te laten bedrag wegens kinderalimentatie in schuldsaneringsregeling
In deze zaak gaat het om een verzoek van de beschermingsbewindvoerder om het vrij te laten bedrag (vtlb) in een schuldsaneringsregeling te corrigeren vanwege de onderhoudsbijdrage die de schuldenaar verschuldigd is voor zijn minderjarige zoon.
De rechter-commissaris beoordeelt het verzoek aan de hand van een beschikking van de familierechter, die heeft aangegeven dat er een klemmend tekort is om in de behoefte van het kind te voorzien. De familierechter heeft de schuldenaar in de gelegenheid gesteld om de rechter-commissaris te verzoeken het vtlb te heroverwegen en rekening te houden met de onderhoudsbijdrage.
De rechter-commissaris constateert echter dat onvoldoende gegevens zijn aangeleverd om vast te stellen hoe hoog de onderhoudsbijdrage zou moeten zijn en welk bedrag het vtlb zou moeten worden verhoogd. Met name ontbreekt informatie over de financiële situatie van de moeder van het kind. Hierdoor kan niet worden vastgesteld of en met welk bedrag het vtlb moet worden verhoogd.
De rechter-commissaris wijst het verzoek daarom af, maar benadrukt dat de familierechter beter in staat is om de hoogte van het tekort en de minimale bijdrage van beide ouders vast te stellen. Nadat de familierechter hierover heeft geoordeeld, kan de schuldenaar opnieuw een verzoek indienen. De beschikking is gegeven door de rechter-commissaris op 28 januari 2025, met mogelijkheid tot hoger beroep binnen vijf dagen.
Uitkomst: Het verzoek tot verhoging van het vrij te laten bedrag wegens kinderalimentatie wordt afgewezen wegens onvoldoende informatie.