ECLI:NL:RBMNE:2026:119
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beslistermijn overschreden bij bezwaar tegen UWV-besluit, rechtbank stelt nieuwe termijn en dwangsom vast
A-ware Packaging B.V. heeft op 16 april 2025 bezwaar gemaakt tegen een besluit van het UWV. Het UWV heeft niet tijdig op dit bezwaar beslist, wat onomstreden is. De rechtbank stelt vast dat de ingebrekestelling op 21 oktober 2025 is ontvangen en dat sindsdien de wettelijke termijn van twee weken is verstreken zonder dat het UWV een beslissing heeft genomen.
De rechtbank bepaalt dat het UWV alsnog binnen een termijn van zeven maanden na verzending van deze uitspraak een besluit moet nemen. Deze termijn is verlengd vanwege het tekort aan verzekeringsartsen en de omstandigheden dat de werknemer tot 7 juni 2026 in het buitenland verblijft. Daarnaast legt de rechtbank een dwangsom van € 100,- per dag op voor elke dag dat het UWV de nieuwe beslistermijn overschrijdt, met een maximum van € 15.000.
Verder wordt het UWV veroordeeld tot betaling van het griffierecht van € 385,- en een proceskostenvergoeding van € 467,- aan A-ware Packaging B.V., omdat zij een professionele gemachtigde heeft ingeschakeld. De rechtbank verklaart het beroep gegrond en vernietigt het niet tijdig nemen van een besluit door het UWV.
Uitkomst: Het UWV moet binnen zeven maanden een besluit nemen en betaalt een dwangsom en proceskosten aan eiseres.