ECLI:NL:RBMNE:2026:121
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beslistermijn overschreden bij bezwaar tegen UWV, dwangsom en proceskosten toegewezen
Eiser diende op 22 januari 2025 een bezwaarschrift in bij het UWV. Verweerder heeft niet tijdig op dit bezwaar beslist, wat onomstreden is. De rechtbank stelt vast dat eiser een ingebrekestelling heeft gestuurd op 11 september 2025 en dat sindsdien de wettelijke termijn van twee weken is verstreken zonder besluit.
De rechtbank bepaalt dat het UWV alsnog binnen twee maanden na verzending van deze uitspraak een beslissing moet nemen. Gezien het tekort aan verzekeringsartsen acht de rechtbank deze termijn passend, aansluitend bij eerdere jurisprudentie. Voor elke dag dat de termijn wordt overschreden, moet het UWV een dwangsom van € 100 betalen, met een maximum van € 15.000.
Daarnaast krijgt eiser een proceskostenvergoeding van € 467,- toegekend, omdat hij een professionele gemachtigde inschakelde, en het griffierecht van € 53,- wordt door verweerder aan eiser vergoed. De rechtbank vernietigt het niet tijdig genomen besluit en draagt het UWV op alsnog te beslissen binnen de gestelde termijn.
Uitkomst: Het UWV moet binnen twee maanden alsnog beslissen op het bezwaar en betaalt een dwangsom en proceskosten aan eiser.