Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.Het verloop van de procedure
- betrokkene, bijgestaan door haar advocaat;
- [A.] , psychiater;
- de moeder van betrokkene.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Midden-Nederland
Betrokkene verblijft onder een crisismaatregel bij GGZ Centraal, afgegeven door de burgemeester vanwege onmiddellijk dreigend ernstig nadeel door psychische stoornissen. De officier van justitie verzoekt voortzetting van deze maatregel voor drie weken. De rechtbank stelt vast dat aan alle wettelijke voorwaarden van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg is voldaan en verleent de machtiging.
Tijdens de zitting is gedebatteerd over de zorgvorm 'uitoefenen van toezicht'. De psychiater stelde dat dit toezicht alleen via elektronische middelen zoals camera's plaatsvindt, terwijl de advocaat ook fysieke één-op-één begeleiding onder deze zorgvorm begreep. De rechtbank verduidelijkt dat toezicht een controlerend karakter heeft en niet beperkt is tot elektronische middelen, maar ook continue observatie omvat.
De rechtbank wijst het verzoek tot toepassing van deze zorgvorm af omdat het niet noodzakelijk is in deze situatie. Ook worden onderzoeken van woonruimte en kleding op gevaarlijke voorwerpen afgewezen. De toegewezen zorgvormen zijn proportioneel en gericht op het afwenden van ernstig nadeel en het bevorderen van maatschappelijke deelname. De machtiging geldt tot 10 april 2026.
Uitkomst: De rechtbank verleent de machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel voor drie weken en wijst het verzoek tot toepassing van toezicht en onderzoeken af wegens onnodigheid.